Naar de inhoud
digi-fort.0 van 22 sloten dicht

Weergave
Tekstgrootte
Kleuren

Deze keuze blijft op dit apparaat staan.

Hoofdstuk 1

De plattegrond van je digitale huis

Ongeveer 7 minuten lezen

Je leven op internet is een huis. Elk onderdeel heeft een eigen plek. Ken je de plattegrond? Dan zie je vanzelf waar het tocht.

Klik op een plek in de tekening om erheen te springen. Doe je de huischeck of vink je iets af in hoofdstuk 4? Dan kleurt het huis mee: rood is een deur die openstaat, groen een deur die dicht is.

De plattegrond van je digitale huisEen huis in doorsnede met veertien plekken: voordeur, tweede voordeur, sleutels, sleutelkluis, passkey, tweede slot, ramen, brievenbus, tuinhek en meterkast, kattenluik, overdekte gang, brandkast buiten de deur, onderhoud op het dak en de eigendomsakte aan de muur.De brandkast buiten de deur: back-upsTuinhek en meterkast: router en wifiDe brievenbus: e-mail, sms en WhatsAppDe voordeur: je e-mail@Het tweede slot: tweestapsverificatieDe sleutel die niemand kan namaken: de passkeyDe sleutels: wachtwoordenDe sleutelkluis: de wachtwoordmanagerDe tweede voordeur: het account van je telefoon of computerDe kattenluikjes: slimme apparatenDe ramen: je browserDe eigendomsakte: je identiteitHet onderhoud: updatesDe overdekte gang: de VPN
  1. De voordeur — je e-mail
  2. De tweede voordeur — het account van je telefoon of computer
  3. De sleutels — wachtwoorden
  4. De sleutelkluis — de wachtwoordmanager
  5. De sleutel die niemand kan namaken — de passkey
  6. Het tweede slot — tweestapsverificatie
  7. De ramen — je browser
  8. De brievenbus — e-mail, sms en WhatsApp
  9. Tuinhek en meterkast — router en wifi
  10. De kattenluikjes — slimme apparaten
  11. De overdekte gang — de VPN
  12. De brandkast buiten de deur — back-ups
  13. Het onderhoud — updates
  14. De eigendomsakte — je identiteit

Dit is je huis zoals het nu is. Vanaf hoofdstuk 4 maak je er deur voor deur een fort van. Daar komt de naam van deze site vandaan.

Een sleutelbos in het slot van een openstaande voordeur, met groen van de tuin erachter.
Eén sleutel in het slot, en het hele huis staat open. Op internet werkt het net zo. Foto: WDnet Studio, CC0.

De voordeur: je e-mail

Je e-mail is de belangrijkste deur van je huis.

Ben je ergens je wachtwoord vergeten? Dan krijg je een mailtje om een nieuw wachtwoord te maken. Dat is handig. Maar het betekent ook iets anders. Wie in jouw e-mail kan, kan overal een nieuw wachtwoord aanvragen. Hij komt dan in bijna al je accounts. Zet op deze deur daarom je beste slot. Doe dat als eerste.

De tweede voordeur: het account van je telefoon of computer

Je Apple-, Google- of Microsoft-account is net zo belangrijk als je e-mail.

Met dit account heb je je telefoon of computer ingesteld. Er hangt veel aan vast: je foto’s, de reservekopie van je toestel en de functie om je toestel terug te vinden. Vaak staan je wachtwoorden er ook in. Wie in dit account komt, kan je toestel leegmaken. Hij kan ook meelezen met wat je bewaart. Geef dit account dus hetzelfde als je e-mail: een eigen wachtwoord en een tweede slot.

De sleutels: wachtwoorden

Elke deur hoort een eigen sleutel te hebben.

Een wachtwoord is een sleutel. Gebruik je overal hetzelfde wachtwoord? Dan past één sleutel op je voordeur, je kluis en je schuur. Raakt die sleutel ergens kwijt, dan staat alles open. Een goed wachtwoord is vooral lang. Vier gewone woorden achter elkaar zijn sterker dan één kort woord met rare tekens.

De sleutelkluis: de wachtwoordmanager

Een kluis onthoudt al je sleutels, zodat jij dat niet hoeft.

Niemand kan honderd verschillende wachtwoorden onthouden. Een wachtwoordmanager is een programma dat ze voor je bewaart. Het is een kluis. Jij onthoudt alleen de code van de kluis. Dat is één lang wachtwoord: je hoofdwachtwoord. De kluis maakt zelf sterke wachtwoorden. Hij vult ze ook voor je in.

De sleutel die niemand kan namaken: de passkey

Een passkey is een tweede slot in één handeling: je toestel plus je vinger, gezicht of pincode.

Een passkey is een nieuw soort sleutel. Hij zit in je telefoon of computer en komt daar nooit uit. Je gebruikt hem met je vingerafdruk, je gezicht of de pincode van je toestel. Niemand kan hem afkijken. Niemand kan hem stelen bij een bedrijf. En hij past alleen op de echte deur. Op een nagemaakte site doet hij niets. Een nepbericht met een neplink heeft dan geen zin meer.

Een passkey ís tweestapsverificatie, alleen merk je de twee stappen niet. Stap één is iets wat je hebt: je toestel, waar de sleutel in zit. Stap twee is iets wat je bent of weet: je vinger, je gezicht of je pincode. Je hoeft dus geen aparte code meer over te typen. Er bestaat ook een passkey die je in de hand houdt: een klein sleuteltje voor in je computer of tegen je telefoon, zoals een YubiKey. Dat is dezelfde techniek, gegoten in metaal, en het sterkste tweede slot dat er is.

Het tweede slot: tweestapsverificatie

Twee sloten op je deur zijn beter dan één.

Een wachtwoord is één slot. Een tweede slot vraagt om nog iets: een code die je telefoon maakt. Die code is elke halve minuut anders. Steelt iemand je wachtwoord? Dan staat hij nog steeds buiten, want jouw telefoon heeft hij niet. Dit heet tweestapsverificatie, in het Engels 2FA. Er zijn drie smaken, van zwak naar sterk: een code per sms, een code uit een app, en een passkey. Laat de code in elk geval door een app maken en niet per sms sturen, want een telefoonnummer kan gestolen worden. En kies een passkey waar het kan: die werkt op een nepsite gewoon niet.

De ramen: je browser

Door een raam kijk je naar buiten, maar anderen kijken ook naar binnen.

Een browser is het programma waarmee je sites bekijkt, zoals Chrome, Safari of Firefox. Terwijl jij kijkt, kijken bedrijven mee. Ze houden bij wat je bekijkt en wat je koopt. Je kunt je browser uitbreiden met kleine hulpprogramma’s. Die heten extensies. Dat is handig, maar elke extensie is iemand die in je woonkamer meekijkt. Houd er een paar die je vertrouwt en gooi de rest weg.

De brievenbus: e-mail, sms en WhatsApp

Iedereen kan iets in je brievenbus stoppen, ook een oplichter.

Op een bericht kan elke naam staan. Staat erboven dat het van je bank komt? Dat zegt niets. Iedereen kan dat erboven zetten. De meeste inbraken beginnen hier. Niet met geweld, maar met een brief die echt lijkt.

Vind de truc

Tik aan wat je niet vertrouwt. Er zitten er 3 in.

PostNLsms · 12:41

Uw pakket kan niet worden bezorgd. Er staat nog . Betaal via , anders gaat het pakket terug naar de afzender.

  1. Een klein bedrag voelt onschuldig. Maar wie op de link betaalt, vult zijn gegevens in op een site die niet van PostNL is. PostNL vraagt nooit per sms of e-mail om te betalen via een betaallink.
  2. Haast. Volgens PostNL zelf hebben afzenders van nepberichten bijna altijd haast. Een echt pakket ligt morgen ook nog klaar.

Wat je doet. Wacht je een pakket? Open de app van de bezorger of zoek je pakket op via de track & trace die je van de winkel kreeg. Betaal nooit via een link in een sms.

Een nagemaakt bericht van PostNL via sms, om te oefenen. Het is geen echt bericht.

Stuur nooit een code door. Een bekende appt: “ik heb per ongeluk een code naar jouw nummer gestuurd, wil je hem doorsturen?” Dat is een oplichter, vaak op het overgenomen account van die bekende. Met die code neemt hij jouw WhatsApp over, en vraagt hij jouw familie om geld. Zet daarom in WhatsApp verificatie in twee stappen aan: een geheime pincode die alleen jij weet. En geef je voicemail een eigen pincode, want oplichters laten de code soms inspreken en luisteren je voicemail af met de standaardcode.

Tuinhek en meterkast: router en wifi

Alles wat je huis in en uit gaat, loopt door één kastje.

Dat kastje is je router. Het regelt je wifi. Veel routers krijgen jarenlang geen beveiligingsupdate. Sommige hebben een wachtwoord uit de fabriek dat makkelijk te raden is. Sinds augustus 2025 gelden in de EU strengere eisen voor nieuwe draadloze apparaten; voor de router die al in je meterkast hangt verandert dat niets. Dat is een tuinhek dat nooit op slot heeft gezeten.

De kattenluikjes: slimme apparaten

Elk apparaat met internet is een klein gat in je muur.

Denk aan een slimme deurbel, een camera, een tv of een thermostaat. Ze zijn gemaakt om goedkoop te zijn, niet om veilig te zijn. Ze worden zelden bijgewerkt. Geef ze daarom een eigen wifi-netwerk: een gastnetwerk. Kruipt er dan iemand door het luikje? Dan staat hij in de schuur en niet in je woonkamer.

De overdekte gang: de VPN

Een VPN zorgt dat niemand onderweg kan meekijken. Meer doet hij niet.

Een VPN is een afgesloten gang van je huis naar buiten. Dat is nuttig op wifi van een ander, zoals in de trein of een hotel. Niemand op dat netwerk ziet dan wat je doet. Maar een VPN houdt geen oplichters tegen. Ook geen virussen. En een site waar je inlogt, weet nog steeds wie je bent. Het is een nuttig slot, maar het minst belangrijke van je huis.

Even denken

Je zet een VPN aan op de wifi van een hotel. Waar beschermt hij je tegen?

De brandkast buiten de deur: back-ups

Bewaar een kopie van je spullen op een andere plek.

Een back-up is een reservekopie van je bestanden. Wordt je laptop gestolen? Gaat hij kapot? Zet iemand je bestanden op slot en vraagt hij geld? Dan heb je alles nog. Let op één ding. Een kopie die aan je computer vastzit, brandt mee als het huis afbrandt. Bewaar er dus altijd één los van je computer.

Het onderhoud: updates

Een update is de timmerman die scheuren dichtmaakt.

In elk huis komen scheurtjes. In programma’s ook. Een update repareert ze, voordat iemand erdoor naar binnen kruipt. De meeste inbrekers gebruiken scheuren die allang gerepareerd hadden kunnen zijn. Zet je updates op automatisch. Dan hoef je er nooit meer aan te denken.

De eigendomsakte: je identiteit

Wie jouw papieren heeft, kan doen alsof hij jou is.

Je paspoort, je burgerservicenummer en je DigiD zijn de papieren van je huis. Je burgerservicenummer is het nummer waaraan de overheid jou herkent. Het wordt afgekort tot BSN. Wie deze gegevens heeft, hoeft niet in te breken. Hij doet zich voor als de eigenaar. Met je naam, je geboortedatum en je BSN kan iemand geld lenen of een telefoonabonnement afsluiten. Jij krijgt dan de rekening.

Een wachtwoord verander je in een minuut. Je BSN en je geboortedatum verander je nooit meer. Daarom is hier voorkomen het belangrijkst.

Een kopie van je paspoort of ID-kaart

  • Vraag eerst of het echt moet. Vaak is het nummer van je document genoeg. Je werkgever en je bank mogen een kopie maken. Een hotel of camping in Nederland mag dat niet: die noteert alleen je gegevens. Een verhuurmakelaar mag het meestal ook niet, en een winkel waar je een online bestelling ophaalt evenmin.
  • Moet het toch? Gebruik dan de gratis KopieID-app van de overheid. Die streept je BSN en je foto door. Hij zet ook op de kopie voor wie hij is, waarvoor en op welke datum.
  • Zonder app kan het ook. Maak je BSN onleesbaar, ook in de rij cijfers onderaan. Schrijf op de kopie dat het een kopie is, voor wie en de datum.
  • Geef je paspoort of ID-kaart nooit af als onderpand.

Je DigiD

  • Gebruik de DigiD-app en niet de sms-code. De app hoort bij jouw toestel en heeft een eigen pincode.
  • DigiD stuurt je nooit een link om in te loggen of om je account te verlengen. Krijg je zo’n bericht? Dan is het nep.
  • Geef je DigiD aan niemand. Ook niet aan familie of iemand die je helpt. Moet iemand anders iets voor je regelen? Daarvoor bestaat DigiD Machtigen.
  • Kijk af en toe in Mijn DigiD. Daar zie je wanneer er is ingelogd.

Gaat het toch mis? Krijg je rekeningen voor iets wat je niet hebt gekocht? Doe aangifte bij de politie. Meld het ook bij het Centraal Meldpunt Identiteitsfraude van de overheid. Meer staat in hoofdstuk 6.

Wat je nu kunt doen

  1. Doe de huischeck. Tien vragen, twee minuten: dan weet je welke van deze plekken bij jou openstaat.
  2. Begin bij de voordeur: je e-mail. Dat is niveau 1, in één avond.
  3. Kom je een woord tegen dat je niet kent? Het staat in het woordenboek.

Wat blijft er hangen?

Drie vragen over dit hoofdstuk. Geen cijfer, niets wordt opgeslagen: je ziet meteen hoe het zit.

Vraag 1

Waarom is je e-mail de belangrijkste deur van je huis?

Vraag 2

Waar horen een slimme deurbel, camera of tv thuis in je netwerk?

Vraag 3

Waarom is je burgerservicenummer anders dan een wachtwoord?